Burgemeester Veenendaal legt pedofiel gebiedsverbod op

Een pedofiel keert vanuit de gevangenis terug naar Veenendaal. De burgemeester wil hem aanvullende voorwaarden opleggen via het civiele recht. De civiele rechter acht de gemeente niet-ontvankelijk. Vervolgens legt de burgemeester via artikel 172 lid 3 Gemeentwet de pedofiel een gebiedsverbod op. De voorzieningenrechter schorst dit besluit, omdat hij dit onrechtmatig acht. Lees verder

Verwijderbevel onterecht aan drugsdealer gegeven: wettelijke grondslag ontbreekt

vuilEen politieagent legt op basis van de APV een drugsdealer een verwijderbevel op. Het gerechtshof spreekt de drugsdealer vrij omdat de politieambtenaar op grond van de APV niet bevoegd was om een verwijderbevel te geven. Lees verder

Vader krijgt op grond van Gemeentwet gebiedsverbod rondom school kinderen opgelegd

De burgemeester van Emmen legt in augustus 2010 aan een vader op grond van art. 172 lid 3 Gemeentewet een gebiedsverbod op, waardoor hij zich niet mag bevinden rondom de school van zijn kinderen. De vader heeft zich eerder gewelddadig gedragen bij het ophalen van de kinderen bij zijn ex-vrouw. De vader heeft daarmee de openbare orde verstoord. De rechter achtbank acht dit gebiedsverbod rechtmatig. Een later opgelegd gebiedsverbod is onvoldoende onderbouwd. Lees verder

Noodbevel (art. 175 Gemeentewet) tentenkamp Occupy Ter Apel onrechtmatig

De burgemeester van Vlagtwedde beveelt een ieder om zich uit het gebied waar het tentenkamp van Occupy Ter Apel staat te verwijderen. Vervolgens stelt de burgemeester ook een noodverordening vast die het het verbiedt om zich op te houden in het Occupy-gebied. De bezetters stappen naar de rechter. Lees verder

Burgemeester Heerenveen verplicht voetbalsupporters AZ tot autocombi

De burgemeester van Heerenveen beveelt de voetbalclub AZ dat de supporters van AZ voor het vervoer naar Heerenveen verplicht gebruik moeten maken van de autocombi. Hij baseert dit bevel op art. 172 lid 3 Gemeentewet. Hoewel de burgemeester eerder had toegezegd dat hij de autocombi niet zou verplichten, doet hij dit toch vanwege een gebrekkige politiecapaciteit, het groeiend aantal meereizende supporters en het feit dat tegelijkertijd een schaatsevenement plaatsvindt.

AZ en de supportersvereniging verzoeken tevergeefs om een voorlopige voorziening. De rechter overweegt:

Gelet op deze motivering, is de voorzieningenrechter van oordeel dat de burgemeester, in het kader van zijn verantwoordelijkheid voor het handhaven van de openbare orde als bedoeld in artikel 172, derde lid, van de Gemeentewet, in redelijkheid heeft kunnen besluiten tot het instellen van de verplichte autocombi. Daarbij merkt de voorzieningenrechter op dat waar een bevoegdheid als de onderhavige vooraf moet worden aangewend ter voorkoming van verstoring van de openbare orde de burgemeester onvermijdelijk een algemene inschatting en weging van de risico’s moet maken, die is gebaseerd op de deskundigheid en ervaring van de politie. Aan het feit dat AZ en de supportersvereniging op grond van verschillende argumenten tot een andere weging van de risico’s rond de wedstrijd komen, mocht de burgemeester dan ook voorbijgaan.

Ook een beroep op het vertrouwensbeginsel faalt:

2.5.1 Naar vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (AbRS), zie bijvoorbeeld haar uitspraak van 8 juni 2011, LJN BQ7477, is voor een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel nodig dat aan het bestuursorgaan toe te rekenen concrete, ondubbelzinnige toezeggingen zijn gedaan door een daartoe bevoegd persoon, waaraan rechtens te honoreren verwachtingen kunnen worden ontleend. Gelet daarop kunnen AZ en de supportersvereniging aan hetgeen is besproken in het overleg van 13 oktober 2011 geen gerechtvaardigd vertrouwen ontlenen, reeds omdat de burgemeester daaraan niet deelnam.
2.5.2 Tussen partijen is niet in geschil dat in het veiligheidsoverleg van 7 juli 2011 is afgesproken dat voor het komende voetbalseizoen de verplichte autocombi niet zou worden opgelegd aan AZ-supporters. Onder verwijzing naar de uitspraak van de AbRS van 6 juli 2011 (LJN BR04888) overweegt de voorzieningenrechter dienaangaande dat het vertrouwensbeginsel niet alleen eist dat gewekte verwachtingen worden gehonoreerd, indien deze gerechtvaardigd zijn, maar ook dat bij afweging van de betrokken belangen, waarbij het belang van degene bij wie de gerechtvaardigde verwachtingen zijn gewekt zwaar weegt, geen zwaarder wegende belangen – het algemeen belang of belangen van derden – aan het honoreren van de verwachtingen in de weg staan. Vaststaat dat de burgemeester het feit dat in het veiligheidsoverleg van 7 juli 2011 is besloten om geen verplichte autocombi op te leggen in de belangenafweging heeft betrokken, maar daaraan niet het gewicht heeft toegekend dat AZ en de supportersvereniging hieraan gehecht wilden zien. Hij heeft het belang bij de handhaving van de openbare orde zwaarder laten wegen. Hij mocht dat doen. Hij hoefde aan de financiële en praktische belangen van AZ en de supporters niet meer gewicht toe te kennen dan aan het algemeen belang dat gediend wordt door het opleggen van de autocombi. Het betoog faalt.

Zie LJN:BU6560.