Evaluatie aanpak woonoverlast Rotterdam verschenen

Een onderzoek naar de aanpak van woonoverlast door  gemeente Rotterdam is door het Verwey-Jonker Instituut gepubliceerd. Het instituut meldt over het onderzoek:

In 2009 heeft de gemeente Rotterdam samen met alle partners de krachten gebundeld in het Actieplan Aanpak Woonoverlast. Met dit Actieplan moet ervaren woonoverlast fors worden teruggedrongen en moet elke overlastsituatie binnen drie maanden worden beëindigd. De professionals die zich met het bestrijden van woonoverlast bezighouden, zoals de gemeente, de woningcorporaties, de politie, buurtbemiddeling en lokale zorgnetwerken, beschikken hiertoe over een uitgebreid instrumentarium.

In opdracht van de dienst dS+V van de gemeente Rotterdam heeft het Verwey-Jonker Instituut de resultaten van het tegengaan van woonoverlast over het eerste jaar onderzocht. Dit rapport besteedt aandacht aan drie hoofdthemas: de ervaringen met en de haalbaarheid van de doelstellingen uit het Actieplan, het proces en de werkwijze van de betrokkenen en de effectiviteit en functionaliteit van het instrumentarium.

De onderzoekers besluiten het rapport met tien aanbevelingen om het Actieplan verder te ontwikkelen en het fundament dat er nu ligt te verstevigen

Download het rapport hier.

 

Kamervragen over rellen rond woning burgemeester van Urk

Vragen van het lid Marcouch (PvdA) aan de ministers van Veiligheid en Justitie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over rellen en vernielingen bij het huis van de burgemeester van Urk (ingezonden 13 mei 2011).
Antwoord van de ministers Opstelten (Veiligheid en Justitie) en Donner (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) (ontvangen 14 juni 2011) Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2010–2011, nr. 2737.

Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van de berichtgeving van omroep Flevoland over de terrorisering van de burgemeester door Urks tuig omdat hij een einde wil maken aan gewelddadig drugs- en drankgebruik?

Antwoord 1
Ja.

Vraag 2 en 3
Deelt u de mening dat het gezag van de burgemeester altijd boven elke twijfel verheven moet zijn en dat rellen, vernielingen en aanslagen tegen dat gezag hard moeten worden aangepakt? Zo ja, hoe heeft u de burgemeester van Urk ondersteund in de bevestiging van zijn gezag en op welke wijze bent u van plan dat de komende tijd te doen? Heeft u al contact gehad met de burgemeester?Deelt u de mening dat u met uw publiekelijk waarneembare bescherming en aanmoediging van de burgemeester van Urk aan alle burgemeesters van Nederland duidelijk maakt dat u verlangt dat burgemeesters grenzen stellen en normerend optreden? Is dat voor u een reden dit te gaan doen?

Antwoord 2 en 3
Burgemeesters hebben een belangrijke rol bij de invulling van de democratische waarden zoals die in de wet verankerd zijn. Van hen wordt verwacht dat zij deze rol op deskundige en integere wijze uitvoeren. Het is onacceptabel als agressie en geweld hen in deze uitvoering belemmert. Burgemeesters verdienen dan ook extra steun en bescherming. Dit kabinet zet stevig in om agressie en geweld tegen personen met publieke taken te verminderen.De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft hierover op 21 maart 2011 een brief gestuurd aan alle politieke ambtsdragers. Daarin is benadrukt dat burgemeesters en andere politieke ambtsdragers een voorbeeldrol vervullen naar de gemeenschap en de werknemers met publieke taken die zij (in)direct aansturen. Het is vanuit die voorbeeldrol van belang dat zij duidelijk maken waar de grenzen van het toelaatbare liggen, en dat zij de aanpak van agressie en geweld nadrukkelijk uitdragen. Dit heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties op 9 mei 2011 ook besproken met het Nederlands Genootschap voor Burgemeesters. Verder heeft hij met de burgemeester contact gehad om hem ook persoonlijk te steunen in zijn optreden.

Vraag 4
Naar welke strafbare feiten rond de rellen en de aanslag op de woning van de burgemeester van Urk voert de politie op dit moment onderzoek uit? Wanneer zijn deze onderzoeken gestart? Wat is het verloop van de onderzoeken? Hoe is de medewerking uit de gemeenschap, van omstanders en ouders?

Antwoord 4
De burgemeester van Urk heeft naar aanleiding van incidenten bij zijn woning (in de nasleep van Koninginnenacht) aangifte gedaan bij de politie. Naar aanleiding van het incident met de brandbom is een strafrechtelijk onderzoek gestart. Dit onderzoek loopt nog. In het weekend van 28 en 29 mei 2011 zijn in deze zaak drie aanhoudingen verricht. Ter bescherming van het opsporingsbelang kunnen geen verdere bijzonderheden worden gegeven over de start van het onderzoek, het verloop daarvan en de medewerking daaraan. Als het strafrechtelijk onderzoek is geëindigd, zal het Openbaar Ministerie beoordelen of, en zo ja welke, feiten vervolgd kunnen worden.

Vraag 5
Deelt u de mening dat bestuurders van alle bedreigingen en strafbare feiten jegens hen aangifte zouden moeten doen? Van welke gebeurtenissen heeft de burgemeester op dit moment zelf aangifte gedaan? Als de burgemeester nog niet van alle strafbare feiten aangifte heeft gedaan, wilt u hem daar dan toe aansporen?

Antwoord 5
Zoals de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties uw Kamer heeft laten weten naar aanleiding van het onderzoek Bedreigd Bestuur (Kamerstukken II, vergaderjaar 2010–2011, 28 684, nr. 295), baart het ons zorgen dat te vaak geen melding wordt gemaakt van agressie en geweld, en dat slechts in een derde van de gevallen de dader op zijn gedrag wordt aangesproken. Politieke ambtsdragers moeten ongewenst gedrag altijd melden. Met het Nederlandse Genootschap van Burgemeesters is afgesproken een aantal maatregelen te implementeren. Dit betreft onder andere een geweldsprotocol voor burgemeesters, kennis- en vaardigheidstrainingen voor nieuwe en zittende burgemeesters, een Vertrouwenslijn politieke ambtsdragers. Deze maatregelen zullen eind 2012 op hun effectiviteit worden geëvalueerd.Vraag 6
Hoe serieus acht u de plannen om opnieuw te protesteren tegen de burgemeester en de maatregelen van het Urker gemeentebestuur? Hoe helpt u het Urker gemeentebestuur zich hierop voor te bereiden?

Antwoord 6
De politie is op de hoogte van geruchten over nieuwe protesten. De lokale politiechef en de jeugdagent participeren in diverse overleggen tussen belanghebbenden en jongeren waarin dit aan de orde komt. In de lokale driehoek zijn afspraken gemaakt over de beleidsuitgangspunten en de tolerantiegrenzen alsmede over de preparatie en politie-inzet bij eventuele vervolgacties. Indien wij vanuit de lokale driehoek signalen krijgen dat er behoefte is aan ondersteuning dan zullen wij het nodige doen. Verder verwijzen wij naar het antwoord op vragen 2 en 3.

Vraag 7
Deelt u de analyse dat de ongeregeldheden voortkomen uit de strengere aanpak door de gemeente Urk van drank- en drugsgebruik en van oude gebruiken die voor de bevolking veel overlast veroorzaken? Zo nee, wat is volgens u dan de aanleiding van deze ongeregeldheden? Zo ja, hoe waardeert u de keus van het gemeentebestuur om gegroeide misstanden aan te pakken die illegaal of ongewenst zijn?

Antwoord 7
De ongeregeldheden lijken vooral te zijn ontstaan naar aanleiding van de aanpak van jongeren die gevaarlijke en overlastgevende overtredingen begaan met scooters. Wij hebben geen reden om te twijfelen aan het oordeel van de burgemeester van Urk dat deze gedragingen dermate ernstig zijn dat zij niet kunnen worden getolereerd, zeker niet als er (een teveel aan) alcohol in het spel is.

Vraag 8
Hoe waarborgt u dat de politie in een hechte gemeenschap als Urk de wetten en regels handhaaft in plaats van onderdeel uit te maken van de cultuur die de jongeren uitdragen? Welke maatregelen neemt de korpsbeheerder van Flevoland hiervoor?

Antwoord 8
Sinds vele jaren werkt de politie Flevoland met een vast team van allround politiemensen binnen de gemeente Urk. Slechts een enkel lid van het team woont op Urk. Deze werkwijze leidt tot een grote mate van lokale bekendheid van de betrokken politiemensen, en – omgekeerd – tot een grote mate van acceptatie van deze politiemensen door de bevolking. De prioriteiten van het team zijn afgestemd op het veiligheidsbeeld van Urk en vastgesteld in de lokale driehoek.Uit de managementrapportages van de politie Flevoland blijkt dat er door de Urker politiemensen intensief en meer dan gemiddeld wordt gehandhaafd op feiten als rijden onder invloed, te hard rijden en geweld. Het ophelderingspercentage van aangegeven misdrijven is hoog. Het team is effectief gebleken bij het interveniëren op hinderlijke en overlastgevende jeugdgroepen. Tegelijk wordt er door het team sterk ingezet op preventiemaatregelen als het gaat om het voorkomen van onder andere verkeersongevallen en geweld in de horeca. Het participeren in overlegstructuren inzake jongeren en het regelmatig in gesprek gaan met jongeren zelf draagt hieraan bij. Er is dan ook geen sprake van dat de politie onderdeel is gaan uitmaken van de cultuur die overlastgevende jongeren uitdragen.

Vraag 9 en 10
Wat is naar uw mening de rol van de Urker gemeenschap en de ouders van de relschoppers in de cultuurveranderingen die het gemeentebestuur nastreeft? Wordt deze rol al voldoende opgepakt? Zo nee, wat moet er volgens u gebeuren om dit te veranderen?Deelt u de mening dat een gesprek volstrekt onvoldoende is om een zo fundamentele cultuurverandering te bewerkstelligen als op Urk nagestreefd wordt, maar dat er een beschavingsoffensief nodig is? Zo ja, wat gaat u doen om dit beschavingsoffensief vorm te geven en wanneer moet dit offensief zijn vruchten afwerpen?

Antwoord 9 en 10
De Urker gemeenschap en de ouders van relschoppers hebben een belangrijke rol bij het realiseren van de cultuurverandering(en) die het gemeentebestuur nastreeft. Het is echter niet aan ons om te bepalen welke maatregelen hiervoor nodig zijn en in welk tempo dit mogelijk is. De burgemeester heeft ons gemeld dat op Urk sinds kort een Centrum voor Jeugd en Gezin bestaat om, voor zover noodzakelijk, ouders met problemen te begeleiden. De burgemeester meldde voorts dat hij ervan uit gaat dat gesprekken en de geboden ondersteuning voldoende zijn om de gewenste cultuurverandering te realiseren, maar dat een dergelijke verandering nu eenmaal tijd kost.

Zie hier.

Overlast rond coffeeshops leidt tot kamervragen

De PvdA fractie heeft kamervragen gesteld over overlast rondom coffeeshops en de invoering van de wietpas:

Vragen van het lid Bouwmeester (van de PvdA) aan de minister van Veiligheid en Justitie over drugstoerisme in Breda (ingezonden 21 april 2011). Antwoord van minister Opstelten (Veiligheid en Justitie) (ontvangen 1 juni 2011) Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2010–2011, nr. 2488.

Vraag 1

Kent u het bericht «Drugstoerisme in Breda neemt verder toe»?1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2, 4

Klopt het dat het aantal bezoekers dat coffeeshops bezoekt in Breda met bijna de helft is gestegen? Zo nee, wat zijn dan wel de exacte cijfers? Zo ja, klopt het dat de stijging met name Belgische en Franse drugstoeristen betreft? Hoe verhoudt dit zich tot uw eerdere berichtgeving waarin u dit ontkent? Deelt u de mening dat uit deze cijfers blijkt dat het sluiten van de coffeeshops in Bergen op Zoom en Roosendaal toch heeft geleid tot een verplaatsing van de verkoop? Zo nee, waar komt deze stijging van bezoekers dan vandaan?

Antwoord 2, 4

De gemeente Breda heeft het aantal bezoekers aan de gedoogde coffeeshops in Breda door een onderzoeksbureau laten tellen in de periode van september 2009 tot en met september 2010. Daarbij werd mede gekeken naar de herkomst. Aan het eind van de tellingen in september 2010 was het totale aantal bezoekers gestegen met 50% ten opzichte van de eerste telling in 2009. De betrokken onderzoekers concluderen in hun eindrapportage dat er na de sluiting van de coffeeshops in Roosendaal en Bergen op Zoom sprake is van een toename van bezoekers aan de Bredase coffeeshops. Naast een toename van de «drugstoeristen» afkomstig uit België, Frankrijk en West-Brabant, is er ook een toename vanuit Breda zelf. De onderzoekers merken op dat de toename derhalve niet alleen is toe te schrijven aan de beëindiging van het gedoogbeleid in Roosendaal en Bergen op Zoom.

Vraag 3

Klopt het dat de stijging van het aantal coffeeshopbezoekers niet heeft geleid tot overlast? Hoe kwalificeert u de toename van het aantal coffeeshopbezoekers zonder een toename van overlast?

Antwoord 3

De gemeente Breda heeft mij gemeld dat in het onderzoek de drugsgerelateerde meldingen uit de registratie van de politie in de analyse betrokken zijn. Daarbij is bij direct omwonenden en bedrijven van zeven van de acht Bredase gedoogde coffeeshops een vragenlijst afgenomen met vragen over de beleving in termen van overlast als gevolg van de aanwezigheid van een coffeeshop in de buurt. Deze vragenlijst is bij de nulmeting afgenomen en na 6 maanden nogmaals. De onderzoekers concludeerden in de eindrapportage van oktober 2010 dat op basis van de politieregistratie niet kan worden geconstateerd dat, ondanks de geconstateerde toename van het aantal bezoekers, sprake is van een toename van het aantal meldingen/incidenten als gevolg van de sluiting van de shops in Roosendaal en Bergen op Zoom.Ook uit de beleving van de omwonenden/bedrijven leiden de onderzoekers niet af dat er sprake is van een toename van overlast.

Vraag 5, 6

Bent u bekend met de toename van de handel in drugs bij tankstations in Roosendaal en omstreken, en de klachten die omwonenden hebben? Zo ja, wat is de reden dat er meer illegaal gehandeld wordt bij tankstations? Wat gaat u daar aan doen? Zo nee, bent u bereid u hierover te laten informeren door de burgemeester van Roosendaal? Hoe helpt de wietpas tegen de verschuiving van de coffeeshopverkoop aan buitenlanders naar tankstations in de grensstreek?

Antwoord 5, 6

De gemeente Roosendaal heeft mij gemeld dat er bij hun meldpunt Drugsoverlast Courage geen meldingen binnen gekomen zijn met betrekking tot overlast bij de tankstations in Roosendaal en Bergen op Zoom. Illegale verkooppunten worden krachtig aangepakt door het lokaal bestuur, het Openbaar Ministerie en de politie. Alleen in coffeeshops wordt de verkoop van cannabis gedoogd. Coffeeshops worden besloten clubs die alleen voor meerderjarige inwoners van Nederland toegankelijk zijn op vertoon van een clubpas. Voor het toepassen van het ingezetenencriterium wordt de uitkomst van de rechtszaak bij de Raad van State tussen de gemeente Maastricht en een coffeeshophouder afgewacht. De verwachting is dat de Raad van State uiterlijk begin juli 2011 uitspraak zal doen. Deze uitspraak zal worden afgewacht om er zeker van te zijn dat tot implementatie van deze maatregel kan worden overgegaan.

Vraag 7

Deelt u de mening dat deze cijfers uitwijzen dat drugstoeristen op zoek gaan naar wiet ondanks het sluiten van coffeeshops, coffeeshop-vrij maken van gemeentes, of het invoeren van een wietpas? Zo nee, waar duiden deze cijfers dan op?

Antwoord 7

Ik deel die mening niet. Het voornaamste effect van de invoering van het ingezetenencriterium zal zijn dat de drugstoeristen niet meer naar ons land zullen komen voor hun cannabis. Veel drugstoeristen blijken immers juist te komen omdat ze in de coffeeshops rustig en veilig cannabis kunnen consumeren2. In eigen land kunnen ze ook gebruik maken van al bestaande illegale markten.

Zie hier.

Vlaamse voetbalhooligans krijgen huisarrest en gemeentelijke administratieve boete

In Borgerhout (België) vonden op 4 juni 2011 rellen plaats na de voetbalwedstrijd Marokko- Algerije. De burgemeester van Antwerpen heeft nu maatregelen genomen tegen de hooligans. Hij heeft een aantal hooligans huisarrest opgelegd. Daarnaast krijgen de hooligans een gemeentelijke administratieve sanctie (GAS) opgelegd. De Liga van Mensenrechten heeft reeds gemeld dat zij het huisarrest ontwettig vindt:

De Liga is van mening dat het huisarrest een strafmaatregel is, en die kan volgens haar alleen worden uitgesproken door een rechter en niet door de burgemeester (als hoofd van de politie).

De Morgen meldt:

Negen personen die vorige zaterdagavond opgepakt werden bij de rellen op de Turnhoutsebaan in Borgerhout, zijn door burgemeester Patrick Janssens onder huisarrest geplaatst om de rust in de buurt te laten terugkeren. Zesentwintig relschoppers krijgen een gemeentelijke sanctie, dat wil zeggen een boete tussen 125 en 250 euro.

Tijdens de ongeregeldheden na de voetbalwedstrijd Marokko – Algerije werden door de politie een dertigtal mensen aangehouden. Naast de gerechtelijke arrestaties werden 28 personen bestuurlijk aangehouden.

Maatregelen
Er worden door het stadsbestuur drie verschillende maatregelen genomen: een retributie voor het vervoer per combi (100 euro), een gemeentelijke administratieve sanctie (GAS) voor het verstoren van de openbare rust (maximum 250 euro) en huisarrest, een preventieve maatregel om te voorkomen dat de rust nog verstoord wordt de komende periode.

Twee van de 28 personen die bestuurlijk aangehouden werden, ontsnappen aan de GAS omdat ze jonger zijn dan 16 jaar. Zij moeten enkel de combitaks betalen. Van alle 28 aangehouden personen werden de antecedenten onderzocht. Negen van hen zijn gekend bij de politie voor een reeks feiten. Opdat de openbare rust en veiligheid de komende weken niet opnieuw verstoord zou worden, neemt de burgemeester voor hen een preventieve maatregel. Vier meerderjarigen krijgen huisarrest gedurende één maand van 20 tot 6 uur, twee gedurende twee weken en drie minderjarigen krijgen huisarrest gedurende twee weken van 18 tot 6 uur.

Hoorzitting
Iedereen krijgt wel eerst een hoorzitting. Een mogelijk huisarrest gaat pas in nadat de betrokkenen werden gehoord. Tot slot meldt de stad dat de camerabeelden van die avond verder worden onderzocht. Bijkomende identificaties kunnen dan ook nog leiden tot gelijkaardige maatregelen.

Zie ook hier en hier.

Onderzoek drugsoverlast Maastricht: sluit alle coffeeshops

De Universiteit van Tilburg heeft onderzoek gedaan naar de ervaren drugsoverlast rond coffeeshops in Maastricht. De drugsoverlast blijkt groot te zijn. Primaire aanbeveling is alle coffeeshops te sluiten. Mocht dat niet haalbaar zijn, kan invoering van de wietpas een oplossing bieden. De onderzoeken zijn hier te downloaden.

De website van de gemeente Maastricht meldt het volgende:

De Universiteit van Tilburg en het Instituut voor Veiligheid- en Crisismanagement (COT) presenteren op 15 juni 2011 de eerste uitkomsten van de onderzoeken die zij in de afgelopen maanden hebben uitgevoerd naar de drugsoverlast rondom de 14 coffeeshops in Maastricht.
Eerste resultaten van het onderzoek COT, overlast en tellingen coffeeshopbezoekers

Het onderzoek van het COT gaat in op de ervaren overlast bij bewoners in de omgeving van de coffeeshops en tellingen van bezoekers en bezoeken aan de 14 coffeeshops. De tellingen zijn gehouden in de periode 9 t/m 15 mei 2011, in Maastricht, bij 14 coffeeshops. In totaal zijn 1018 bezoekers in Maastricht ondervraagd.

De ervaren overlast bestaat uit algemene overlast, coffeeshop gerelateerde overlast en overlast van de illegale markt. De eerste resultaten van de tellingen zijn 12.749 bezoeken op een gemiddelde dag die worden afgelegd door 10.580 bezoekers. De schatting is dat per jaar ca. 4,6 miljoen bezoeken aan de 14 coffeeshops worden afgelegd. In 2008 waren dit 3,9 miljoen bezoeken.

Het onderzoek wijst uit dat de ervaren coffeeshopgerelateerde overlast vooral bestaat uit:

  • Parkeer- en verkeersoverlast (44%)
  • Softdruggebruik in de nabijheid van de coffeeshop(s) (32%)
  • Afval en vuil afkomstig van coffeeshopbezoekers (29%)

Ervaren overlast van de illegale markt:

  • Hinderlijk heen en weer lopen door vermeende dealers, runners en gebruikers (38%)
  • Drugsdealen op straat (35%)
  • Schreeuwen en ruziemaken door dealers, runners en gebruikers (22%)

Nationaliteit:

  • 41% uit Nederland (79% uit Maastricht, dat is 33% van totaal, 14% elders uit de provincie)
  • 41% uit België
  • 6% uit Duitsland
  • 6% uit Frankrijk

Resultaten van het onderzoek naar Drugsoverlast in Maastricht en omgeving, onderzoek UvT

In Maastricht is de drugsoverlast in eerste orde gerelateerd aan de dagelijkse toestroom van vele duizenden drugstoeristen voor de 14 coffeeshops die de stad telt. In tweede orde manifesteert het probleem van de drugsoverlast in Maastricht zich vooral in de vorm van het offensieve, soms zeer gewelddadige (verkeers)gedrag van de (op jaarbasis) honderden drugsrunners. In derde orde neemt het probleem van de drugsoverlast in Maastricht de vorm aan van panden van waaruit wordt verkocht aan de vele gegadigden van buiten en binnen Maastricht. In het verlengde hiervan ligt de overlast die wordt veroorzaakt door de wietplantages.

Samenvattend kan dus worden gesteld dat de problemen van de drugsoverlast in Maastricht en de omliggende gemeenten hoofdzakelijk (dus niet alleen!) direct en indirect voortvloeien uit de gedoogde verkoop van soft drugs via coffeeshops. Naar aanleiding van het onderzoek adviseert de Universiteit van Tilburg het gemeentebestuur het volgende:

In de eerste plaats moet worden overwogen om alle coffeeshops te sluiten. Als dit niet mogelijk is, dan kan in de tweede plaats het beste worden overgaan tot de invoering van het ingezetenencriterium voor de coffeeshops (via de wietpas) en worden afgezien van de verplaatsing van een aantal coffeeshops naar de gemeentegrens. Als de sluiting van de coffeeshops en de invoering van het ingezetenen criterium (via de wietpas) niet mogelijk is dan rest niets anders dan de betrokken coffeeshops wél te verplaatsen.

Optie 1 en optie 2 kunnen worden omgedraaid. Dit biedt de mogelijkheid om eerst de daadwerkelijke effecten van de invoering van het ingezetenencriterium via de wietpas in de praktijk te meten. Op basis hiervan is de sluiting van de coffeeshops alsnog mogelijk.

Naar verwachting zal de Maastrichtse raadscommissie Algemene Zaken op woensdag 22 juni a.s. over de uitkomsten van beide onderzoeken debatteren. Het college van burgemeester en wethouders legt dan na de zomer voorstellen over de aanpak van de drugsoverlast voor aan de gemeenteraad. De Raad van State doet uiterlijk op 28 juni uitspraak over het ingezetene criterium bij de inzet van de wietpas.

Zie hier.