Voetbalwet (art. 172a Gemeentewet) onrechtmatig ingezet bij aanpak overlastveroorzakende familie

De burgemeester van Brunssum legt op grond van art. 172a Gemeentewet verschillende mensen een gebiedsverbod op. Er is sprake van ernstige verstoorde persoonlijke verhoudingen tussen deze mensen en hun voormalige buurman. Zij hebben de openbare orde meerdere malen verstoord, volgens de burgemeester. De voorzieningenrechter acht onvoldoende aangetoond dat de openbare orde ernstig is verstoord en wijst het verzoek tot voorlopige voorziening toe. Lees verder

Rechtbank Amsterdam acht toepassing Voetbalwet tegen hooligan rechtmatig

De burgemeester van Amsterdam legt op grond van art. 172a Gemeentewet (de Voetbalwet ) aan een hooligan een groepsverbod en meldingsplicht op. De hooligan stapt naar de rechter. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Lees verder

Kamervragen PVV over weggepest gezin in Utrecht

Vragen van de leden Van Klaveren, Helder en Brinkman (allen PVV) aan de ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Veiligheid en Justitie over een weggepest gezin uit Utrecht (ingezonden 3 mei 2011).

Antwoord van minister Donner (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties), mede namens de minister van Veiligheid en Justitie (ontvangen 28 juni 2011) Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2010–2011, nr. 2746.

Vraag 1

Bent u bekend met het artikel «Opnieuw gezin weggepest uit Utrechtse wijk»?1
Antwoord 1

Ja.
Vraag 2

Deelt u de visie dat de bestrijding van Marokkaans straattuig niet in goede handen is bij een burgemeester die homo’s laat verjagen en nu dus opnieuw een geterroriseerd gezin in de kou laat staan? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 2

Nee.
Navraag bij de gemeente Utrecht heeft opgeleverd dat alle mogelijke inspanningen zijn verricht om de overlast te doen verminderen. Denk hierbij aan inzet extra recherchecapaciteit, opleggen van een gebiedsverbod, samenwerking met de woningcorporatie om de overlast aan te pakken, afleggen van huisbezoeken. Burgemeester Wolfsen had en heeft tevens nog steeds persoonlijk contact met het gepeste gezin.
Vraag 3

Welke mogelijkheden ziet u om de eindverantwoordelijke voor de veiligheid in Utrecht, burgemeester Wolfsen, na dit zoveelste brevet van onvermogen, uit zijn functie te zetten?
Antwoord 3

Dit is niet aan de orde.
Vraag 4

Welke maatregelen gaat u treffen ten einde straatterroristen en hun gezin uit huis te kunnen laten plaatsen, een levenslang gebiedsverbod op te leggen en de slachtoffers van straatterreur een veilige woonomgeving te garanderen?
Antwoord 4

Het bestaande instrumentarium omvat een scala aan maatregelen om deze vormen van overlast en intimidatie in een woonwijk aan te pakken. Een burgemeester kan op grond van artikel 172a van de Gemeentewet (Wet maatregelen bestrijding voetbalvandalisme en ernstige overlast) een gebiedsverbod voor de duur van drie maanden opleggen aan één van de overlastgevers. De officier van justitie kan op grond van artikel 509hh van het Wetboek van Strafvordering, in het geval van ernstig belastend gedrag jegens personen, een gedragsaanwijzing opleggen. Verder is het mogelijk om de betrokkenen strafrechtelijk te vervolgen voor bijvoorbeeld intimiderend gedrag en stalking. Dit laatste is echter lastig bij gebrek aan bewijsmiddelen.
Op termijn kan ook op basis van het thans bij de Eerste Kamer in behandeling zijnde wetsvoorstel vrijheidsbeperkende maatregelen2 door de rechter een maatregel in de vorm van een gebiedsverbod, contactverbod of meldplicht voor maximaal twee jaar worden opgelegd. Deze maatregel kan bijdragen aan de bescherming van de woonomgeving van slachtoffers van strafbare feiten.
Een levenslang gebiedsverbod behoort niet tot de mogelijkheden. Een maatregel van een dergelijke duur zal de proportionaliteitstoets niet doorstaan.

Zie hier.

Onderzoek praktijkervaringen met Voetbalwet verschenen

De Voetbalwet (Wet maatregelen bestrijding voetbalvandalisme en ernstige overlast) is vorig jaar in werking getreden. De inspectie Openbare Orde en Veiligheid heeft de Voetbalwet geëvalueerd. De inspectie meldt op de site:

Op 1 september 2010 is de wet ‘maatregelen bestrijding voetbalvandalisme en ernstige overlast’ (mbveo) in werking getreden.

De wet regelt enkele wijzigingen in de Gemeentewet, het Wetboek van Strafvordering en het Wetboek van Strafrecht. De burgemeester en de officier van justitie krijgen daarmee (nieuwe) bevoegdheden tot het treffen van maatregelen om voetbalvandalisme en ernstige overlast door groepen en individuen te bestrijden. De wet mbveo is een aanvulling op de al bestaande instrumenten waarover burgemeesters en officieren van justitie beschikken om overlast te bestrijden.

Bij de behandeling van deze wet heeft de Eerste Kamer de wens geuit om tussentijds geïnformeerd te worden over de toepassing van de wet in de praktijk. De Inspectie OOV is gevraagd hierover te rapporteren in juni 2011 en in juni 2012.

Het doel van het rapport is om de eerste praktijkervaringen met de wet mbveo in kaart te brengen. Het rapport bevat cijfer- en feitenmateriaal over het gebruik van de wet en inzicht in de ervaringen van gemeenten en arrondissementen bij de toepassing van de wet tot 1 april 2011.

De Voetbalwet is 58 keer ingezet: 25 keer bij voetbal en negentien keer bij overlast in wijken. Verder was er twaalf keer een gebiedsverbod bij evenementen en ging het twee keer om individuele gevallen van overlast.

De burgemeester van Den Haag zette de Voetbalwet twaalf keer in, gevolgd door de burgemeesters van Amsterdam (tien keer) en Rotterdam (acht keer).

De rechter beoordeelde inzet van de Voetbalwet vier keren. Drie keer kregen de klagers gelijk. Het dossier tegen een mogelijke hooligan of overlastveroorzakers was dan niet compleet en concreet genoeg was om een maatregel tegen hem te nemen. Eerder zagen wij al dat de aanpak van hooligans met de Voetbalwet niet erg succesvol was. Aanpak van overlastgevende jongeren met de Voetbalwet lukt soms wel.

De bevoegdheid uit art. 172b Gemeentewet is nog niet ingezet.

Het rappport is hier te vinden. De beleidsreactie van de regering is hier te vinden.

Voetbalwet succesvol ingezet tegen overlastveroorzakende jongeren

De burgemeester van Utrecht legt op grond van art. 172a Gemeentewet (bekend als de Voetbalwet ) een overlastveroorzaker een gebiedsverbod en een groepsverbod op. Zie ook hier. De overlastveroorzaker stapt naar de voorzieningenrechter.

De burgemeester gebruikt de Voetbalwet omdat de jongere meerdere malen de openbare orde heeft verstoord:

De voorzieningenrechter stelt vast dat het steeds gaat om verstoringen van de openbare orde, in de vorm van luidruchtig zijn en rondhangen, lastig vallen van voorbijgangers, met scooters op plaatsen rijden waar dat niet mag, zich ophouden op plaatsen waar dat verboden is en gedrag vertonen dat in de openbare ruimte tot ruzie leidt. Bij de drie, in het bestreden besluit en de onderliggende stukken specifiek genoemde, incidenten gaat het om twee ernstige incidenten in de openbare ruimte: op 1 oktober 2010 is er een vechtpartij tussen verzoeker en drie jongens met twee andere jongens bij (de ingang van) een supermarkt en op 21 januari 2011 haalt verzoeker in aanwezigheid van andere jongens verhaal bij een medewerker van een sociaal cultureel centrum waarbij vervolgens een dreigende situatie ontstaat die door tussenkomst van de politie beëindigd moet worden. Daarnaast is er een incident op 18 september 2010 waarbij verzoeker met anderen laat op de avond onder invloed van alcohol luidruchtig aanwezig is bij een jongeren ontmoetingsplek. Verder is er – zoals gezegd – de lijst van situaties waarbij verzoeker betrokken was tussen december 2009 en februari 2011. Anders dan namens verzoeker is gesteld, is slechts in een enkel geval sprake van een situatie waarin blijkens de mutatie op verzoekers gedrag niets is aan te merken. Uit deze stukken komt naar het oordeel van de voorzieningenrechter voldoende naar voren dat herhaaldelijk sprake is geweest van verstoring van de openbare orde, groepsgewijs dan wel alleen, waarbij verzoeker keer op keer betrokken is geweest en herhaaldelijk een actieve rol heeft gespeeld.

Het eerste bezwaar van de overlastveroorzaker is dat de Voetbalwet hier niet had mogen worden gebruikt, maar art. 172 lid 3 Gemeentewet of de APV. De rechter acht dit onjuist:

Naar het oordeel van de voorzieningenrechter blijkt uit deze toelichting niet van hiërarchie tussen de bevoegdheid uit artikel 172a van de Gemeentewet en de gebiedsverboden uit artikel 172, derde lid, van de Gemeentewet en uit de APV of van een voorwaarde van trapsgewijze of achtereenvolgende toepassing. Deze bevoegdheden kunnen dan ook los van elkaar worden gebruikt. Per geval dient te worden bekeken of aan de voorwaarden voor toepassing van de bevoegdheid is voldaan en of de feiten en omstandigheden de wijze waarop daarvan gebruik is gemaakt, rechtvaardigen.

Ook de bezwaren dat het besluit in strijd is met het proportionaliteit-, subsidiariteits- en gelijksheidsbeginsel worden door de voorzieningenrechter niet gegrond verklaard. Ook het feit dat de moeder van de overlastjongere niet is ingelicht, slaagt niet.

Hier is de Voetbalwet dus succesvol, anders dan bij de aanpak van voetbalvandalisme.

Zie LJN: BQ5186.

Zie ook LJN: BQ5217.